Toon menu Zoeken

DeltaExpertise - voor een leefbare delta

Krabbenkreekdam


Context VN set links: model = Krabbenkreekdam


Set VN link, Property name = Supercontext, Property VN name = Supercontext

Model link = Krabbenkreekdam

Result = Dijkvakken Zeeland VN

End Set VN link


Bekleding: Betonzuil, Breuksteen gepenetreerd, Gekantelde blokken
Specifieke constructie: Damwand, Haven, Nol
Voorland: Schor, Slik, Stroomgeul
Ruimtegebruik: Ecologie
Jaar: 2014
Locatie: Tholen
Coördinaten: 51° 36' 43", 4° 10' 32"
Dijktraject: dijkpaal 707 - dijkpaal 724+25 meter



Dijktraject Krabbenkreekdam bestaat uit de dijken van de Slaakdam, de Prins Hendrikpolder en de Krabbenkreekdam. Het dijktraject is 1,7 kilometer lang. Het ligt aan de noordoostkant van de Oosterschelde, vlakbij Sint-Philipsland en natuurgebied Rammegors. De traject ligt in de gemeente Tholen. Rijkswaterstaat beheert de Krabbenkreekdam. Waterschap Scheldestromen tekent voor het beheer van de dijken langs de Slaakdam en de Prins Hendrikpolder. Op het dijktraject zijn geen particuliere eigendommen aanwezig.

Kaart werkgebied
Werkgebied Krabbenkreekdam.jpg
Lessons learned




Lesson learned: Broedende zwaluwen in werkgebied

Vertraging door broedende vogels
De trajectecoloog had bepaald dat de aannemer steile zandwanden in het voorjaar moest afdekken met geotextiel om het nestelen van oeverzwaluwen te voorkomen. De aannemer vergat dit en na een weekend waarin niet gewerkt was, zat het talud vol met broedende oeverzwaluwen. In overleg met de ecoloog werd besloten dat de aannemer wel langs de broedende vogels mocht rijden, zodat het werk op andere locaties in het dijktraject door kon gaan. Hij mocht echter pas na het broedseizoen bij de het desbetreffende talud verder.




Lesson learned: Aanwezigheid damwand onbekend

Aantreffen damwand tijdens uitvoering
Ter hoogte van het schor trof de aannemer tijdens de uitvoering een gecreosoteerde damwand aan. Het verwijderen en afvoeren van deze damwand leidde tot extra kosten. Als het projectbureau diepgaander vooronderzoek naar de bestaande situatie had gedaan, had het afvoeren van de gecreosoteerde damwand in de aanbesteding gezeten en waren de kosten hiervoor lager geweest.


Omgevingsmanagement werkprocessen





Stakeholders
Omwonenden/bedrijven

Grondverzetbedrijf Van Tilburg beheert de werkhaven in het traject tussen dijkpaal 714+49m en dijkpaal 717+46m en gebruikt deze voor de overslag van bouwstoffen, zoals zand en grind. Achter de haven is een verborgen glooiing aangebracht en aan beide zijden van de loswal is een aansluiting op het dijktraject gemaakt. Door goede afstemming tussen de aannemer en Van Tilburg, kon de loswal in gebruik blijven tijdens de werkzaamheden. Ook de aannemer gebruikte de loswal voor de aan- en afvoer van materialen. Daardoor hoefde hij veel minder materialen over de weg aan- en af te voeren en bleef de verkeersoverlast voor de omgeving beperkt.








Ecologie
oeverzwaluwnestjes in het talud
Krabbenkreekdam afvoer gecreosoteerde palen
Krabbenkreekdam beschadigd paddenscherm
Krabbenkreekdam aanbrengen damwand tpv teen
Krabbenkreekdam proefblokjes om aangroei wier te onderzoeken

In het ecologisch detailadvies worden de aanwezige planten geïnventariseerd, zowel in de getijzone als ter plaatse van de boventafel. Op basis hiervan wordt een advies verstrekt over de soort nieuwe bekleding die moet worden gekozen om minstens een gelijkwaardige begroeiing in de toekomst te verkrijgen. Dit detailadvies is opgenomen als bijlage van de ontwerpnota.

Voorafgaand aan de werkzaamheden heeft de trajectecoloog van projectbureau Zeeweringen de ecologische bijzonderheden in de omgeving van dit dijktraject met de projectleider en de uitvoerder van de aannemer besproken.

Oeverzwaluwen

De trajectecoloog vertelde de aannemer dat hij steile zandwanden in het voorjaar moest afdekken met geotextiel om te voorkomen dat oeverzwaluwen daarin zouden gaan nestelen. Na het ontgraven van een deel van het dijktraject achter de loswal bij de werkhaven, vergat de aannemer dit echter. Vervolgens zat het talud na een weekend vol met broedende oeverzwaluwen. In overleg met de ecoloog werd toen besloten dat de aannemer er wel langs mocht rijden, zodat het werk op andere locaties in het dijktraject door kon gaan. De aannemer kon het talud achter de loswal op een later moment, na het broedseizoen, pas afmaken.

Schade schor

Tussen dijkpaal 718 en dijkpaal 721 ligt een schor. Om dat te sparen was in de vergunningen vastgelegd dat de werkgrens ter hoogte van het schor minder was dan de gebruikelijke vijftien meter vanuit de teen van de dijk. Het schor zou daardoor ongemoeid blijven. Ondanks deze maatregel ontstond er toch schade aan het schor, omdat iemand met zijn kraan eroverheen reed. De schade werd naderhand hersteld.

Natuurgebied Rammegors

Tegelijkertijd met de werkzaamheden aan het dijktraject maakte Rijkswaterstaat een doorlaatmiddel naar natuurgebied Rammegors, dat achter de Krabbenkreekdam en – weg ligt. Dat natuurgebied maakt onderdeel uit van de herstelopgave van projectbureau Zeeweringen. Daarom heeft het projectbureau financieel bijgedragen aan dit project. Door het aanbrengen van het doorlaatmiddel stroomt er bij hoogwater Oosterscheldewater in de Rammegors en kan er nieuwe getijdenatuur ontstaan.









Referenties






Vergunningen

Door het projectbureau is een planbeschrijving opgesteld. Deze is ter inzage gelegd. Op basis hiervan wordt door het waterschap vastgesteld dat een milieueffectrapport niet behoeft te worden opgesteld. Een verzoek tot goedkeuring Waterwet wordt aan de provincie verzonden. Deze geeft goedkeuring.

Op basis van de Passende Beoordeling wordt een vergunning Natuurbeschermingswet afgegeven. De Krabbenkreekdam uit dit dijktraject is eigendom van Rijkswaterstaat. De dijken langs de Slaakdam en de Prins Hendrikpolder zijn in handen van Waterschap Scheldestromen. Voor het aanvragen van de benodigde vergunningen heeft projectbureau Zeeweringen daarom twee vergunningsprocedures moeten doorlopen. Het Ministerie van Economische Zaken heeft de vergunningen voor de Krabbenkreekdam afgegeven. De provincie Zeeland was vergunningverlener voor de dijken langs de Slaakdam en de Prins Hendrikpolder. Hoewel de wettelijke termijnen voor beide vergunningsprocedures nagenoeg gelijk zijn, heeft het aanvragen van de vergunningen daardoor wat meer tijd gevergd dan bij andere dijktrajecten.

Verder wordt in het kader van een mogelijk benodigde vergunning in het kader van de Flora- en faunawet een Soortenbeschermingstoets opgesteld. Deze vergunning is niet nodig, de toets voldoet indien de genoemde mitigerende maatregelen worden nagekomen.







Referenties






Transportroutes

Vlak na de start van de werkzaamheden aan dijktraject Krabbenkreekdam ontstond een probleem met de transportroutes. Waterschap Scheldestromen had de doorgaande weg vanaf het werk naar het depot afgesloten in verband met de aanleg van een vrijliggend fietspad. Omdat er geen duidelijke omleidingsroutes aangegeven stonden, kozen vrachtwagenchauffeurs zelf een alternatieve route vanaf het werk naar het depot. Als gevolg daarvan reden enkele vrachtauto’s door het dorp Sint Philipsland. Snel daarna stelde projectbureau Zeeweringen een andere transportroute naar het depot vast om zo het dorp te ontlasten. Achteraf concludeert het projectbureau dat de transportroutes vooraf beter afgestemd hadden moeten worden.




Referenties






Communicatie

In het omgevingsplan zijn alle stakeholders met bijbehorende communicatiemiddelen en deadlines opgenomen. Het projectbureau heeft voor dit dijktraject verschillende communicatiemiddelen ingezet, zoals informatieborden, social media, huis-aan-huiskranten en persoonlijke gesprekken.








Referenties


Technisch management werkprocessen





Inventarisatie
Krabbenkreekdam werkhaven
Krabbenkreekdam oude bekleding tpv schor

De Slaakdam tussen dijkpaal 707 en dijkpaal 711+50m en de Krabbenkreekdam tussen dijkpaal 711+50m en dijkpaal 724+25m:

De dijkbekleding in deze deelgebieden bestond uit vlakke betonblokken op de boventafel en Haringmanblokken op de ondertafel.


Het deelgebied ter hoogte van de werkhaven, tussen dijkpaal 714+49m en dijkpaal 717+46m:

Hier was de dijk bekleed met klei. Het haventalud en de havendam bestonden uit een glooiing van los gestorte breuksteen.


Op het hele dijktraject lagen alle betonblokken op een filterlaag van grind. Daaronder lag mijnsteen of klei. Het onderhoudspad op de buitenberm van het dijktraject bestond uit open steen asfalt en was daardoor niet geschikt voor fietsers.

Bijzonderheden
  • Direct voor het dijkvak ligt de Krabbenkreek, een oostelijke, doodlopende stroomgeul van de Oosterschelde.
  • Tussen dijkpaal 714+49m en dijkpaal 717+46m ligt een werkhaven. Grondverzetbedrijf Van Tilburg beheert deze haven en gebruikt hem voor de overslag van bouwstoffen.
  • Ten zuiden van de werkhaven, tussen dijkpaal 717 +46m en dijkpaal 721 ligt een klein schor met een lengte van zo’n driehonderd meter.
  • De rest van het voorland bestaat uit slikken, die naar verwachting de komende vijftig jaar door erosie zullen afnemen.








Toetsing
Krabbenkreekdam opnemen oude blokken

Waterschap Scheldestromen heeft het dijktraject getoetst aan de veiligheidsnorm, zoals die is voorgeschreven in de Waterwet. Daaruit bleek dat een klein deel losse breuksteen op de ondertafel van de werkhaven in orde was. Het grootste deel voldeed niet aan de veiligheidsnorm. Omdat de werkhaven geen onderdeel is van de primaire waterkering, hoefde projectbureau Zeeweringen hier geen verbeteringen uit te voeren. Tussen dijkpaal 712 en dijkpaal 713 voldeed een strook asfalt aan de veiligheidsnorm, maar dit gedeelte was te klein om te handhaven. Het waterschap heeft de overige dijkbekledingen langs het hele traject afgekeurd.






Referenties






Ontwerp
Krabbenkreekdam overzicht
Krabbenkreekdam plaatsen damwand tpv teen
Krabbenkreekdam doorlaatwerk
Krabbenkreekdam asfalteren onderhoudspad

Het voorontwerp, de variantenafweging en het definitieve ontwerp van het dijktraject zijn uitgebreid omschreven in de ontwerpnota. Volgens deze nota is het dijktraject Krabbenkreekdam opgedeeld in vier deelgebieden:

  • deelgebied 1: van dp 707 tot dp 711+50m
  • deelgebied 2: van dp 711+50m tot 714+49m
  • deelgebied 3: van dp 714+49m tot dp 717+46m
  • deelgebied 4: van dp 717+46m tot dp 724+25m

In deelgebied 1 en 4 heeft het projectbureau Zeeweringen ervoor gekozen de ondertafel te bekleden met gekantelde betonblokken en de boventafel met betonzuilen. De ondertafel van deelgebied 2 is bekleed met gietasfalt ingegoten breuksteen en afgestrooid met lavasteen. De boventafel is bekleed met betonzuilen. Deelgebied 3, ter hoogte van de werkhaven, bestaat uit een verborgen glooiing met gepenetreerde breuksteen. Op verzoek van waterschap Scheldestromen heeft het projectbureau het onderhoudspad langs de Slaakdam geasfalteerd en opengesteld voor fietsers. Het onderhoudspad langs de Krabbenkreekdam bestaat, net als vóór de dijkversterking, uit open steen asfalt en is niet toegankelijk voor fietsers.

Bijzonderheden

Schor

Overal op dit dijktraject heeft projectbureau Zeeweringen duurzame betonzuilen en gekantelde haringmanblokken toegepast. Ter hoogte van het schor, tussen dijkpaal 717 +46m en dijkpaal 721 heeft Zeeweringen ervoor gekozen de constructie niet te ondersteunen door een reguliere teenconstructie, maar door een betonnen damwand zodat hij de gebruikelijke werkstrook van vijftien meter op het voorland niet nodig had en zo het schor kon sparen.


Fietspad

Het nieuwe buitendijkse fietspad langs de Slaakdam heeft in de ontwerpfase extra aandacht gevraagd. Aan de zuidkant, ter hoogte van dijkpaal 711, moest het aansluiten op het bestaande fietspad aan de binnenkant van de dijk. Om beide fietspaden veilig op elkaar aan laten sluiten heeft projectbureau Zeeweringen in het ontwerp bij dijkpaal 711 een dijkovergang gemaakt en het binnendijkse fietspad een stuk verlegd.


Doorlaatmiddel Rammegors

Aan de binnenkant van de dijk naast de provinciale weg (Krabbenkreekweg) ligt natuurgebied Rammegors. Gelijktijdig met de werkzaamheden van projectbureau Zeeweringen heeft Rijkswaterstaat ter hoogte van dijkpaal 713 voor dit gebied een doorlaatmiddel gemaakt. Daardoor stroomt bij hoogwater Oosterscheldewater het gebied in en kunnen er weer slikken en schorren ontstaan. Beide partijen moesten hun werkzaamheden zorgvuldig op elkaar afstemmen. Eén van de afspraken was dat de aannemer van het projectbureau vóór 15 april 2014 zijn werkzaamheden in de omgeving van het doorlaatmiddel afgerond moest hebben. Daarna kon de aannemer van Rijkswaterstaat starten met het heien van damwanden voor het doorlaatmiddel. Na de afronding van de werkzaamheden aan het doorlaatmiddel kon de aannemer van het projectbureau zijn werkzaamheden afronden en de steenbekleding aansluiten op het doorlaatmiddel.






Referenties






Revisietoetsing en overdracht
Krabbenkreekdam herplaatste blokken, schade hersteld met asfalt

Na afloop van het werk is een toetsing uitgevoerd en is het dijkvak overgedragen aan het waterschap.





Referenties


Contractmanagement werkprocessen





Contractmanagement
Krabbenkreekdam detail doorlaatwerk
Krabbenkreekdam aanbrengen open steenasfalt op onderhoudspad
Krabbenkreekdam afdekken open steenasfalt met grond
Krabbenkreekdam controle meting dikte open steenasfalt

Op basis van het ontwerp en het contract leek Krabbenkreekdam een eenvoudig uit te voeren dijkversterkingstraject. In de praktijk pakte dit anders uit. De samenwerking met de aannemer verliep moeizaam. Op logistiek gebied zijn verkeerde inschattingen gemaakt, afspraken uit het contract werden onvoldoende nageleefd en de kwaliteit van het werk zat vaak op de grens van het toelaatbare. Projectbureau Zeeweringen heeft hierover gedurende het hele traject gesprekken gevoerd met de aannemer. Achteraf had het wellicht eerder en harder moeten ingrijpen.

Aansluiting doorlaatmiddel Rammegors

Tegelijkertijd met het uitvoeren van de dijkversterking op de Krabbenkreekdam heeft Rijkswaterstaat ter hoogte van dijkpaal 713 een doorlaatmiddel naar natuurgebied Rammegors laten maken. Daardoor waren er op hetzelfde traject twee aannemers aan het werk, één in opdracht van Rijkswaterstaat en één in opdracht van projectbureau Zeeweringen.

Dijkovergangen

Projectbureau Zeeweringen had in het contract drie dijkovergangen opgenomen om het dijkvak voor de aannemer toegankelijk te maken. Eén aan het begin van het dijktraject (vlak voor dijkpaal 707), één aan het einde van het dijktraject (net voorbij dijkpaal 724) en één in het midden ter hoogte van dijkpaal 715. Tijdens de uitvoering heeft de aannemer besloten alleen de middelste dijkovergang aan te leggen. De dijkovergang aan het begin van het dijktraject vond hij te gevaarlijk; chauffeurs zouden daar met hun vrachtauto op een kruispunt moeten draaien om de dijkovergang te bereiken. Projectbureau Zeeweringen heeft hem daarin gelijk gegeven. De dijkovergang aan de andere kant van het dijktraject had de aannemer beter wel kunnen maken. Nu beschikte hij maar over één aan- en afvoerroute, waardoor eenrichtingsverkeer op het dijkvak niet mogelijk was en vrachtauto’s op eenzelfde traject heen en weer moesten rijden. In de praktijk leverde dat lastige situaties op, bijvoorbeeld bij het passeren van graafmachines op het werk.

Wateroverlast rotonde

Bij de rotonde op de provinciale weg (ter hoogte van dijkpaal 711 en 712) heeft de aannemer een aantal stukken grond als werkterrein gebruikt. Na afloop van de werkzaamheden ontstond daar wateroverlast. Als gevolg van bodemverdichting kon het regenwater niet wegzakken. Naar aanleiding daarvan is overleg geweest met de provincie Zeeland, waterschap Scheldestromen en de aannemer. De aannemer heeft de wateroverlast deels opgelost. Het waterschap zal het andere deel voor zijn rekening nemen.

Proefvak betonblokjes

Ter hoogte van de dijkpalen 722 en 724 heeft de aannemer als proef in het kader van ‘building for nature’ verschillende soorten betonblokjes op de glooiing aangebracht. Deze kleine betonblokken hebben allemaal een andere structuur. Met deze proef wil de aannemer kijken op welke soort betonblokken de meest interessante begroeiing ontstaat.

Kabels en leidingen

De kabels en leidingen die Sint-Philipsland van stroom voorzien lopen over de Slaakdam. Al in een vroeg stadium heeft projectbureau Zeeweringen hierover contact opgenomen met DELTA Netwerkbedrijf. Naar aanleiding daarvan heeft DELTA Netwerkbedrijf de kabels en leidingen verlegd, zodat de inwoners van Sint-Philipsland geen stroomuitval zouden hebben tijdens de dijkversterkingswerkzaamheden. Dat is goed verlopen, maar bij het afronden van de werkzaamheden ging het mis. Bij het plaatsen van de klappalen voor de dijkovergang, plaatste de aannemer deze per ongeluk door de aangepaste kabels en leidingen heen. Omdat er twee voedingen lagen, heeft het dorp als gevolg hiervan geen stroomstoring gehad.

Provinciale weg

Eén van de contracteisen was dat de aannemer niet te dicht langs de provinciale weg (de Krabbenkreekweg) mocht werken. In lijn met deze eis had de aannemer de werklijn langs deze weg nauwkeurig uitgezet. In de praktijk werd echter ook aan de verkeerde kant van deze werklijn gewerkt. Dat zorgde voor discussies met de provincie, maar na overleg heeft de aannemer zich aan de contracteis gehouden en heeft het tijdelijk niet respecteren van de werklijn geen gevolgen gehad.









Referenties


Projectbeheer controleprocessen





Extra kosten

Ter hoogte van het schor, tussen dijkpaal 717 +46m en dijkpaal 721, bleek een gecreosoteerde damwand te zitten. Het verwijderen en afvoeren van deze damwand heeft tot extra kosten geleid. Als projectbureau Zeeweringen diepgaander vooronderzoek naar de bestaande situatie had gedaan, had het afvoeren van de gecreosoteerde damwand in de aanbesteding gezeten en waren de kosten hiervoor lager geweest. De kosten zijn overigens gedekt door de post ‘onvoorzien’ in de begroting.

De aannemer had gepland het werk vóór de bouwvakvakantie in juli 2014 op te leveren. Deze planning heeft hij niet gehaald. Aan de contractuele eis om vóór het stormseizoen klaar te zijn, heeft hij wel voldaan.




Kerndocumenten






































Referenties


Context VN set links: model =

Bezig met het laden van de kaart...